De Prinsestraat is een oude straat, maar de straat is
tegenwoordig wel veel langer dan vroeger. Tot 1885 lag de straat tussen de Noordwal en de Molenstraat. Tussen
Molenstraat en Nobelstraat lag lag tot 1885 het oude Hof van Dam.
De bewoners van dat hofje zijn aan het eind van de 19e eeuw verhuisd naar de Lange Beestenmarkt en het oude Hofje is gesloopt. Er is helemaal
niets meer van terug te vinden.
De Prinsestraat is genoemd naar Prins Willem II, de zoon
van Frederik Hendrik en is kort na 1610 aangelegd. Willem II is na de dood van zijn vader
kort Stadhouder geweest, maar nadat hij Amsterdam had willen veroveren met een leger (dat
verdwaalde in de mist) overleed hij op jonge leeftijd [zie geschiedenis].
De meeste huizen die langs de Prinsestraat staat zijn
vrijwel allemaal aan het eind van de 19e eeuw gebouwd. Er heeft aan het begin van de 20e
eeuw een tram door deze straat gereden.
Het is een gezellige straat met veel kunstgalleriën,
café's en restaurantjes. Het uitzicht op de toren van de Grote
Kerk is spectaculair. Wanneer men dan de andere kant op kijkt kan men -vanaf het
midden van de Prinsestraat- in de verte de toren van het Vredespaleis
zien (staan). Een wandeling naar dat bijzondere gebouw duurt vanaf de
Prinsestraat ongeveer 15 minuten.
Prinsestraat uitlopen, langs de Paleistuin
(Prinsessewal), door de Anna Pauwlona straat, het oudste gedeelte
van de Laan van Meerdervoort oversteken en u bent er. Als u op de terugweg via de Javastraat en de Zeestraat terug wandelt (in de richting van Noordeinde) dan komt u ook nog langs Panorama Mesdag en Paleis Noordeinde.