Na de dood van Westerbaen kwam Ockenburgh in handen van
Maarten Pauw, bewindhebber van de V.O.C. en
burgemeester van Delft. Zijn kleinkinderen lieten het Kleyne Paleis omstreeks 1720
afbreken en een nieuw landhuis bouwen. Dat landhuis bestaat nog steeds. Het is in 1845
verbouwd in (laat) Neo-Classicistische stijl en in die vorm is het tot op heden
bewaard gebleven.
Het landgoed lag ooit ver van Den Haag verwijderd. In 1931
werd het door Den Haag geannexeerd. Er waren plannen om hier een grote woonwijk aan te
leggen (in dezelfde stijl als Vogelwijk). Door het uitbreken de oorlog is het daar nooit
meer van gekomen. Na 1945 heeft men besloten het gebied te behouden zoals het is. Gelukkig
maar.
Van de Classicisme landschapsstijl
is niet veel meer terug te vinden in het bos. Na 1700 is het Landgoed enkele keren
aangepast. Alleen de kaarsrechte oprijlaan vanaf de Monsterse weg herinnert nog aan het
grondplan van 1650. Die oprijlaan loopt naar het witte landhuis.
In dat landhuis zijn in de Eerste Wereldoorlog 1.500
Belgische militairen geïnterneerd. Conform de Vredesconferentie van Den Haag (18 oktober
1907) moest Nederland als neutrale natie namelijk ALLE oorlogvoerende militairen
ontwapenen en interneren. Op sommige plaatsen in Nederland zaten geallieerde en Centrale
troepen op één terrein. Dat veroorzaakte natuurlijk nogal wat conflicten. Landgoed
Ockenburgh werd in 1915 weer ontruimd. De Belgen werden elders ondergebracht.
In de Tweede Wereldoorlog was in Ockenburgh een
lanceerbasis voor de Duitse V-2 raketten. Vanaf die plaats werden meer dan 1.000 raketten
afgevuurd op Engeland.
Van al dat leed is tegenwoordig niets meer terug te vinden
(voor zover ik kan nagaan niet eens een monument). Het is tegenwoordig vooral een heerlijk
wandelgebied. Wie Ockenburg binnengaat kan tot aan Hoek van Holland uren door duinen en
bossen wandelen. De Deltametropool lijkt hier gelukkig nog ver weg.