De singel van Den Haag kreeg geen ster-vorm,
zoals de Singels van de andere (vesting)steden, maar een (aparte) kruik-vorm. Men
hield daarbij rekening met de groei van het stedelijke dorp, al bestaande waterlopen
(zoals sloten en de 17e eeuwse grachten) en bovendien met
bebouwing, zoals molens en boerderijen.
In de Cobouw van juni 2002 staat te lezen :
In de jaren 1612 tot 1619 werd het grachtenstelsel
aangelegd. Gevoed door de Beek waterde het af op de boezem van
Delfland, waarmee het in open verbinding stond. In 1615 stuitte het werk op
grondspeculanten, wat voor de magistraat aanleiding was de Staten toestemming te vragen te
mogen onteigenen. Die werd verleend omdat het "van node" werd gevonden de
"plaetse van s-Gravenhage [...] uyttezette, omme de Schepen, Schuyten, neeringen,
metten gevolge en ankleve vandien bequamelyk te accomoderen'" .
De uitvoering van het project kan baliekluivers gemakkelijk de wenkbrauwen hebben doen
fronsen, want graven gebeurde alleen aan de oost- en westzijde van het dorp, waar men door
de oude strandwal heen moest, waar oud- Den Haag op is gelegen. Aan de noordzijde en zeker
aan de zuidzijde werd niet of nauwelijks gegraven. Daar namelijk lag de grond al gauw twee
tot drie meter lager en moest er door het opwerpen van twee kaden een bedding worden
gecreerd.
De afwatering van de ingesloten gronden werd daarmee een probleem. Dit werd opgelost door
deze 'binnenpolders', via een houten duiker onder de nieuwe singelsgracht door, te laten
afwateren op de Veenpolder, die gewoon bemalen werd. Binnen de singelgrachten werden nu
successievelijk binnengrachten uitgezet, als de Amsterdamse
Veerkade en de Paviljoensgracht.
De Singelsgracht is in 1672 als verdedigingslinie gebruikt.
Dat was het 'rampjaar'. Engelsen vielen aan over zee, Fransen drongen diep door in de
Republiek evenals de legers van twee Duitse Koninkrijkjes.
De bruggen gingen omhoog en op de kades werden kanonnen
gezet. De Fransen wisten Den Haag echter niet te bereiken . De enige slachtoffers van die
oorlog IN Den Haag waren de gebroeders De Witt.
De bruggen over de Singel werden
trouwens 's avonds altijd open gezet.
Militairen bewaakten deze bruggen (waar mooie poorten op stonden) en patrouilleerden 's
avonds en overdag langs het water.
In de 17e eeuw heeft tot twee maal toe bijna een landing
plaats gevonden van Engelse Invasietroepen die naar Den Haag wilden oprukken. Allereerst
vond er een grote zeeslag plaats bij Kijkduin, waarbij Tromp en
De Ruyter de Engelse vloot tot zinken brachten en enkele jaren later is er bij Scheveningen gevochten. Ook toen wisten de Engelsen het strand
niet (levend) te bereiken. Tijdens de Franse overheersing (18e eeuw) en de inval van de
Duitsers (1940) speelden grachten eigenlijk geen enkele rol meer. Het feit dat grote delen
van Den Haag (uniek in de mei dagen van '40) werden heroverd op de Duitsers had niets met
de Grachten te maken.
Ondanks de snelle toename van de bevolking was er eeuwen
lang voldoende ruimte binnen de Singelsgracht om te bouwen. Bij het Groene Wegje en de
Nieuwe Uitleg werd in de 17e en 18e eeuw buiten de grachten gebouwd, maar elders niet. De
eerste echte stadsuitbreiding buiten de grachten vond plaats in 1845, 225 jaar nadat de
Singelsgracht gegraven was. Daarna ging de groei van de stad zo snel dat al snel de
grenzen van aangrenzende gemeentes werd bereikt. Anno 2001 is Den Haag een
stad met ruimtegebrek.
In de 17e eeuw was daar nog geen sprake van. Den Haag bleef
een dorp met brede straten en grote pleinen. Hier en daar verrezen toch kleine muurtjes en
zandwallen bij de Singelsgracht, zoals bij het Westeinde, het Noordeinde en het Zieken.
Deze stelden echter -als verdedigingswerken- niet veel voor. Daarnaast werden er huizen
gebouwd die direct aan het water grensden, ook deze hadden geen enkele waarde voor de
echte verdediging van Den Haag, maar het werd voor landlopers moeilijker om de stad
ongezien binnen te komen.
Veel Haagse binnen grachten zijn tussen 1640 en 1904 gedempt. De Singelsgracht bestaat echter nog helemaal. Op sommige
plaatsen stroomt hij tegenwoordig onder parkeerplaatsen en straten door. De Gemeente heeft
een van de 'obstakels' in 2004 laten verwijderen, zodat rondvaarten in de Haagse
Singelsgracht mogelijk geworden is.
Een eerste stap in die (goede) richting was de opening van
een passanten haven in de Zuid Singelgracht (aan de
Bierkade). De officiële opening van deze haven was op 6 april 2001.
Sinds (zaterdag 7) april 2001 kunnen maximaal 22
pleziervaartuigen met een maximale lengte van 12 meter en een hoogte tot 2.30
meter aanmeren in de haven in het centrum van Den Haag. Passanten
hebben dan het openbaar vervoer voor de deur en de stedelijke en regionale attracties
binnen bereik. Drinkwater, electra, douches en toiletten zijn beschikbaar. De
was kan worden gedaan en vuil water kan worden afgepompt.
Het centrum is door de passantenhaven bereikbaar voor
zestig procent van de pleziervaartuigen uit het Vlietgebied. Grotere jachten en
charterschepen kunnen afmeren in het Laakkanaal aan de Verheeskade en de Cruquiuskade. De
Haagse wateren zijn bereikbaar voor zowel de grote als kleine binnenvaart. Eind 2005
heeft de Ooievaart het beheer over
de Zuid Singelsgracht haven overgenomen. Binnenkort meer informatie.