Tijdens twee loterijen werd geld ingezameld
voor de herbouw van de kerk. Omstreeks 1562 begon men aan de herbouw van de kerk en toen
heeft zij de vorm gekregen die zij nog steeds heeft.
In 1702 sloeg de bliksem wederom in, in de
toren. Weer brak er brand uit. Dit maal was er een jonge Hagenaar die geen moment aarzelde
en -in zijn nachtkledij- naar boven rende. Alle trappen op ! Hij wist het vuur te doven
met zijn kleding. Hagenezen weten echter nog steeds te vertellen dat hij dat gedaan moet
hebben met zijn "echte Haagse matje" (lange haar).
Op de toren van de Grote kerk werd in 1861 een
nieuwe spits gezet die gemaakt was van gietijzer. Die spits bleek echter veel te zwaar te
zijn voor de oude toren. Deze begon te scheuren en in 1957 heeft men vervolgens de
oorspronkelijke spits maar weer teruggezet.
Op de tekening uit 1764, hierboven, is de oude
spits nog te zien. Voor de kerk staan gebouwen die vrijwel allemaal zijn verdwenen. Alleen
het stadhuis is er nog. Opvallend is het Gotische gebouw in het midden. Dat was de St.
Nicolaaskapel. In de 17e eeuw, toen de Katholieken waren verdreven werd dat de Vleeschhal.
De Hal- en Grote Halstraat zijn daar naar genoemd.
In 1999 is de toren van de Grote Kerk geheel
gerestaureerd. De kerk en haar toren staan er nu weer prima bij.
De Grote kerk wordt thans vooral gebruikt voor bijeenkomsten en beurzen.
In mei 2001 is Prins
Constantijn er getrouwd met zijn verloofde Laurentien.
De Oranjes kozen vaker voor de Grote kerk om
(er) te trouwen. Juliana trouwde er met Bernhard en Wilhelmina met Hendrik. Bovendien zijn
er sinds 1622 regelmatig jonge oranjes gedoopt.
De zoon van Frederik Hendrik, Willem II, in
1622 en later (1651) diens zoon Willem III waren de eersten. Willem Alexander (1967) en
zijn dochter prinses Amalia (12-06-2004) zijn eveneens in deze prachtige kerk gedoopt.
Er waren in de loop der eeuwen diverse
gebouwen tegen de Grote kerk aangebouwd. Veel van deze gebouwtjes zijn in de
eerste helft van de 20e eeuw weer afgebroken, maar aan de centrumzijde zijn er nog enkele
blijven staan.
Ook het oude klooster dat vroeger vlakbij de
kerk stond is verdwenen, nadat er na de oorlog tegen Spanje al een vleeshal van gemaakt
was. Katholicisme was op z'n zachtst gezegd minder populair in de Republiek. Het klooster aan het Lange Voorhout werd
bijvoorbeeld een Kanongieterij.
Terwijl Nederlandse Katholieken in de 17e eeuw
hun diensten in kleine schuilkerken moesten houden kregen de Spanjaarden zelf vrij snel na
de 80-jarige oorlog toestemming om een 'ambassade' met kerk in
Den Haag te openen.
In één van de bijgebouwtjes van de Grote
Kerk (dat geen onderdeel uitmaakt van de eigenlijke kerk) bevindt zich sinds 1998 een
gezellig eetcafé : Zebedeüs
Zebedeüs is gevestigd in de oude
consistorie en is begin 20e eeuw gebouwd. Het is een uitbreiding gemaakt onder leiding van
Jos Cuypers welke is begonnen in 1912. Het is rond de jaren 50 verbouwd, dakkapellen
en deur en raamopeningen zijn toen verwijderd/gewijzigd.
Wie een bezoek brengt aan Den Haag doet er
goed aan te informeren of de kerk die dag van binnen te bezichtigen is. In de zomer is hij
op bepaalde dagen open voor het publiek. De kerk is schitterend.
Hoewel er tijdens de 16e eeuwse beeldenstormen
veel verdwenen is, vindt men binnen wel enkele praalgraven. Het praalgraf van Jacob van
Wassenaer-Obdam is daarvan de meest opvallende.
Hij was vlootvoogd tijdens de tweede Engelse
(zee)oorlog. Op 13 juni 1665 sprong het admiraalschip De Eendracht in de lucht. Het
lichaam van de Jacob van Wassenaer-Obdam is nooit meer gevonden. Zijn graf is leeg.
Een andere bijzonder mooi praalgraf is van
Philippe, landgraaf van Hessen, vorst van Helfelt. Hij stichtte het buiten Hessenhof, vlak
buiten Den Haag en liet er een paleis bouwen. Hessenhof werd in de 19e eeuw Buitenrust
genoemd. Anna Paulowna woonde er toen in het paleis. In de 20e eeuw heeft het
bijzondere gebouw plaats moeten maken voor het Vredespaleis.
De oude Klokken
In de Grote Kerk hangen nog drie klokken die vóór 1600 gegoten zijn, De
Jhesus uit 1541, De Salvator uit 1547 en de Jacob uit 1570. De luidklok uit 1543 met de
naam Maria is in 1575 'gesneuveld' in de Delftse Geschutgieterij. Omgesmolten tot Kanon of
ander wapentuig.
In 1647 werd de Wegewaert naar boven gehezen.
Deze hangt nog steeds in de toren.
In de tweede wereld oorlog lieten de Duitsers
de klokken naar beneden komen, ze zouden worden omgesmolten, net als de Maria eeuwen
daarvoor.
De Wegewaert werd te klein bevonden en bleef
boven. De Jhesus paste echter niet door de deur en is (verscholen) in de kerk blijven
staan. De Jacob werd met een Aak vanuit Den Haag naar Duitsland vervoerd, maar het schip
zonk en de Jacob zonk met haar mee naar de bodem. De Jacob is na de oorlog weer uit het
water gehaald en terug gegaan naar Den Haag. De Salvator bereikte Duitsland wel, maar is
niet omgesmolten, die klok werd eind 1945 nog geheel in tact in Hamburg terug gevonden.
Ook die klok ging terug naar Den Haag.
De Jhesus was achtergebleven en werd begin mei
1945, midden in de nacht, stiekum weer omhoog gehezen. Een hele klus want de klok weegt
6500kg !!
Op 5 mei werd de Jhesus met de achtergebleven
Wegewaert geluid ! Een bijzondere verrassing voor de bewoners van de stad die dachten dat
alle klokken verdwenen waren. Eind 1946 waren de Jacob en de Salvator weer terug in de
stad.
Op kerstavond 2002 kwam de Wegewaert weer in
het nieuws. Die avond brak tijdens het luiden de klepel uit de klok.
De klok waaruit de klepel viel, de Wegewaert, weegt drieduizend kilo en werd in 1647
gegoten door de Haagse geschuts- en klokkengieter Coenraed Wegewaert.
Het is niet voor het eerst dat een klok in de
Haagse Toren tijdens het luiden een klepel verliest. Op 4 mei 1987, tijdens de
Dodenherdenking, viel uit de Jhesus, de grootste klok, de complete klepel die daarmee een
flink gat sloeg in de onderliggende zoldervloer. Omdat er onder de houten vloer een
betonnen laag zit, ging de klepel er niet dwars doorheen. (bron Haagsche Courant)
Waterpomp

Bij de Grote kerk vindt men een waterpomp. Eigenlijk is
alleen het bovenste gedeelte oud. Het is afkomstig van een schitterende waterpomp die op
de Grote Markt stond. Andere waterpompen vindt men op het Lange
Voorhout, op het Binnenhof en in het Hofje van Nieuwkoop
en het Hofje van Wouw).
De bestrating rond de Grote Kerk is in 2005 vernieuwd. Een
echte opknapbeurt. Het is heel mooi geworden.